Overdenking

Praatjes

Bloot familieverhaal
Mijn overgrootvader Opa Op ’t Land hield niet van praatjes en roddels, maar dan ook echt niet. In mijn familie gaat een verhaal hoe hij eens roddels ging bestrijden in het dorp waarin hij woonde. In dat dorp was namelijk een meisje zwanger geworden van de bakkersjongen. Al maanden had iedereen het over deze onverwachte zwangerschap en alle gevolgen voor de twee tieners. Opa Op ’t Land was het geklets op een gegeven moment spuugzat; het leven voor die twee zou al moeilijk genoeg zijn. Dus hij besloot om er wat aan te doen. Hij deed overdag het gordijn van de slaapkamer open, kleedde zich uit en ging op het bed allerlei gymnastiekoefeningen doen.
Geloof het of niet, maar die avond ging het in de dorpskroeg over een heel ander onderwerp dan de onverwachte zwangerschap! “Nou nou, die Op ’t Land.” “Gekke toeren in zijn blootje”. “Hebben jullie het ook gezien, midden overdag met de gordijnen open?”

Van alle tijden
Ik moet altijd wel lachen om dit verhaal van die vreemde opa van me. Maar het verhaal dat erachter zit, van roddel en klets dat een leven beschadigen kunnen, dat is niet mooi. Ook is het niet iets wat verleden tijd is. Niet voor niets staat in de Tien Geboden dat je niet kwaad zult spreken over elkaar.
Ook nu kunnen we elkaar beschadigen door kwaad te spreken achter iemands rug om, door partij te kiezen en de verschillen te vergroten. Alleen zijn er nieuwe manieren van kwaadspreken bijgekomen met social media (bijvoorbeeld WhatsApp). Maar social media zijn slechts een megafoon van verdeeldheid die in ons huist. Ook aan het begin van onze jaartelling was er verdeeldheid. Paulus ervaart het in de gemeente in Korinte, hij schrijft: Door Chloë’s huisgenoten is mij verteld, broeders en zusters, dat er verdeeldheid onder u heerst. Ik bedoel dat de één zegt: “Ik ben van Paulus’” en een ander: “Ik van Apollos”, een derde “Ik van Petrus,” en een vierde: “Ik van Christus”. Is Christus dan verdeeld? Is Paulus soms voor u gekruisigd? Of is het in de naam van Paulus dat u bent gedoopt […] Wat is Apollos eigenlijk? En wat is Paulus? Zij zijn niet meer dan dienaren die u tot geloof hebben gebracht, beiden op de wijze die de Heer hun heeft geschonken. Ik heb geplant, Apollos heeft water gegeven, maar God heeft het doen groeien. Het is niet belangrijk wie plant of wie begiet; alleen God is belangrijk, want Hij doet groeien.  

Paulus ziet dus een groep gelovigen uit elkaar vallen omdat de ene groep zegt dat ze bij de een horen, en de ander bij de ander. De nieuwe gelovigen voelen zich niet thuis bij elkaar: er waren slaven en heren, mannen en vrouwen, joden en niet-joden, allemaal deel van dezelfde gemeenschap, groepen die elkaar in het dagelijks leven niet ontmoetten. Paulus weet dit allemaal wel, maar toch zegt hij dat het niet hoort bij gelovigen om negatief over elkaar te praten en verdeeldheid te hebben. Hij doet daarbij geen appel op hun goede manieren. Nee, hij wijst naar Christus, naar God. Hij is belangrijk: Hij is gekruisigd en weer opgestaan. Het is God die de Heer is in leven en sterven. De gelovigen uit Korinte keken allemaal naar God voor hun redding. Paulus benadrukt dat we dan niet naar mensen moeten kijken voor onze verdeeldheid, maar liever naar God voor onze eenheid. Dat geeft dat mensen zoals Apollos, Petrus en Paulus niet zo belangrijk zijn- daar komt ons lieve leven toch niet vandaan en daar gaat ons goede leven toch niet naartoe. De blik op God helpt om mild te zijn tegen een ander en niet mee te gaan in kwaadspreken tegen een ander persoon of groep.

Mildheid
In onze tijd zijn er groepen genoeg te bedenken waar mensen van claimen te zijn: “Wij zijn van Thierry Baudet”, “Wij zijn van Jesse Klaver”. Er zijn ook genoeg redenen om tegengas te geven in de huidige maatschappij waar van alles loos is. Maar het is wel goed om stil te staan bij wat je vertelt en doorvertelt. Wat je zegt over een ander of een andere groep. Want over wie je ook spreekt, het is wel iemand die door God geschapen is. En over wie jij het ook hebt, jij bent ook met liefde door God geschapen. Door even stil te staan bij de Heer over leven en dood, kan je misschien milder zijn over de ander. Dat zou wel eens een krachtiger middel kunnen zijn tegen kwaadspreken, dan die ene stunt van mijn voorvader.

Ds. Sifra Baayen


1 Korintiërs 1:11-13 en 1 Korintiërs 3:4-7