Rijswijks Kerkarchief

kerkarchief

UIT HET RIJSWIJKS KERKARCHIEF

‘Nieuwigheden, Steurnissen en Turbatien’:
de kerkenraad in conflict met de ambachtsheer, 1682

In de serie over het beroepingswerk hebt u kunnen lezen dat de ambachtsheer invloed had (of dacht te hebben) op het werk van de Rijswijkse kerkenraad. In 1682 en 1683 was er een conflict op ander gebied. De heer had namelijk ook de bevoegdheid om de schoolmeester, de koster en de voorlezer in de kerk te benoemen, meestal dezelfde persoon. Wat de laatste twee functies betreft, had de kerkenraad dus niets te vertellen. Zolang het goed ging tenminste…

Op 30 oktober 1670 stellen de voogden van de minderjarige ambachtsheer Nicolaas van der Duyn III een nieuwe schoolmeester, koster en voorlezer aan: Gerrit Ocken, getrouwd met Elisabeth Struijk. De kerkenraad neemt kennis van de benoeming en noteert dat hij zo’n mooi handschrift heeft. In het begin gaat het goed: er worden drie kinderen gedoopt en Gerrit is in 1674 en 1675 diaken. Door al deze functies mogen we hem als een ‘Bekende Rijswijker’ beschouwen.

Op 30 maart 1680 is het mis: het echtpaar moet voor de kerkenraad verschijnen wegens ‘oneenig’ en ‘swaar twistig en ergerlijk leven’. Blijkbaar zijn er huwelijksproblemen. Beiden betuigen schuld en beloven beterschap. Een jaar later herhaalt zich de toestand ‘tot grote ergenisse van de gemeynte’ en opnieuw volgen schuld en vergeving. Maar weer een jaar later verschijnt Gerrit in de kerk met ‘leelijke blauwe oogen en gekrabt aan sijn wangen’. Er volgen gesprekken in aanwezigheid van de schout als vertegenwoordiger van de ambachtsheer, waarin Elisabeth de kerkenraad belastert. De kerkenraad besluit haar te schorsen voor het Avondmaal, een zware straf. Het helpt weinig: in de volgende maanden regent het klachten, vooral over Elisabeth wegens ‘vele vuyle blame en lastering’ van de predikant en de kerkenraad. Het echtpaar krijgt huisbezoek. De schorsing wordt verlengd en ook Gerrit wordt nu aan het Avondmaal van 5 juli geweigerd. Ook wordt hij geschorst als voorlezer en zanger.

Nu ontstaat er een conflict met de ambachtsheer, die inmiddels volwassen is. De kerkenraad mag wél een lidmaat aan het Avondmaal weigeren, maar als heer van Rijswijk heeft hij het recht te beslissen wie er voorlezer is. Gerrit doet zijn beklag en belooft nogmaals beterschap.

In augustus is het wéér mis, de hele buurt is ervan getuige. Elisabeth neemt geld en kinderen mee en vertrekt naar Delft. Gerrit verschijnt in de kerk met pleisters op zijn hoofd. De kerkenraad wil geen opschudding en laat hem als voorlezer begaan. Nieuw onderzoek volgt: hij is medeschuldig aan de problemen thuis en drinkt te veel. Gedurende zes weken mag hij niet voorlezen en evenmin op zijn vaste plek in de dooptuin rond de preekstoel plaatsnemen.

In oktober verschijnen ‘tot aller uyterste verwondering en ontsteltenisse’ vertegenwoordigers van de heer bij de voorbereiding tot het Avondmaal. Van der Duyn eist dat Ocken in zijn functies hersteld wordt. Overleg baat niet en de kerkenraad weigert ook de vervanger die Ocken als voorlezer heeft gevraagd. De raad wijst zonder overleg met Van der Duyn zelf een vervanger aan.

Uiteindelijk legt de kerkenraad de zaak voor aan het Hof van Holland, dat de heer in het gelijk stelt. Van der Duyn weigert een aangeboden schikking wegens deze ‘Nieuwigheden, Steurnissen en Turbatien’. Classis en kerkenraad gaan in beroep bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad spreekt op 22 juli 1683 uit dat de kerkenraad onrechtmatig heeft gehandeld en dreigt met een boete van 100 gouden dukaten (huidige waarde € 5.463) als zoiets weer gebeurt. Twee advocaten melden zich bij de kerkenraad met het verzoek het echtpaar weer toe te laten. Ze zijn dan net acht dagen weer bij elkaar en de raad ziet geen verbetering. Ze blijven geweigerd.

Uiteindelijk is Ocken de grote verliezer: op 1 april 1684 stelt de ambachtsheer Johannes van Tol aan als nieuwe schoolmeester, koster en voorlezer. Ocken doet in februari 1686 opnieuw een verzoek weer tot het Avondmaal te mogen worden toegelaten, maar de kerkenraad handhaaft de schorsing zolang hij (blijkbaar weer) gescheiden leeft van zijn vrouw en zich niet met haar verzoent. Baan verloren, niet welkom aan het Avondmaal, vrouw en kinderen vertrokken en zijn prestige kwijt. Hoe het verder afloopt, weten we niet: het is het laatste wat we in de Rijswijkse kerk van Gerrit Ocken horen.

Ruud Poortier, archivaris PGR

Ockens handtekening is sierlijker dan zijn Rijswijkse carrière…
Ocken