Pastorale sectie Nieuw-Rijswijk

Pinksteren

pinksteren-De Heilige Geest heeft vele positieve bijnamen. Of beter gezegd : eretitels. En de mooiste van alle lijkt me: Trooster. Het woord troosten stamt af van het Germaanse woord tru of treu en betekent trouw. Dat is zeer verhelderend. Want we weten allemaal als we in zware omstandigheden verkeren: dié mens troost ons het meest die trouw is. En trouw is niet alleen contact blijven houden. Trouw is veel meer nog innerlijk trouw zijn aan de ander. Dat betekent: volhouden om te blijven waar de ander is. Niet weg- vluchten in positieve woorden als de ander daar nog niet aan toe is. Niet alleen met jouw hoofd luisteren maar echt vanuit jouw hart. De ander werkelijk zichzelf laten zijn in alles wat hij of zij op dat moment is. Ook als het alleen maar verlatenheid, wanhoop of diepe, diepe radeloosheid is. Je kunt je afvragen: wie kan dat opbrengen? Wij mensen zijn daar heus niet zo goed in. We hebben vaak al genoeg aan onze eigen problemen. Maar we proberen het, zo goed als het gaat. Ook in deze coronacrisis. En als je goede bedoelingen hebt, voelt de ander dat altijd. Het is indrukwekkend hoe mensen, nu we allemaal in hetzelfde schuitje zitten, elkaar tot troost en tot hulp willen zijn. Op talloze creatieve manieren. Het is prachtig dat de Heilige Geest de Trooster wordt genoemd. Trooster met een hoofdletter. Onze onbeholpen pogingen worden geïnspireerd door dat koesterende deel van God dat altijd in en om ons heen is. Het Chinese boeddhisme kent de godin Quan Yin, die duizend armen heeft. Zij is de godin van het mededogen die al de noodkreten van de mensen hoort. En de rooms-katholieke kerk heeft aan Maria een helpende rol toebedeeld. Het mooie is dat de Heilige Geest in de kerk vaak als vrouwelijk wordt gezien. Als een moeder, als een zuster dicht bij ons hart. Daar aanwezig waar geen mens ons nog troosten kan. Een mooi beeld, die duizend armen. Tegelijk schreef de christelijke theologe Dorothee Sölle: God heeft geen andere handen dan de onze. En de predikant Bonhoeffer schreef: we moeten leven alsof God er niet was. De twee laatsten wilden vooral voorkomen dat we het aan God zouden overlaten en zelf niet in actie komen voor de mensen. Als wij mensen, in alle onbeholpenheid, proberen te troosten is het de Heilige Geest zelf die met haar warmte door ons heen werkt. Als wij een ander alleen laten of als we eenvoudig niets weten te doen bij een heel groot verdriet dan is die mens nóg niet aan zichzelf overgelaten. Dan is de Heilige Geest er nog, sinds Pinksteren altijd in en om ons heen.

Vogel in een verre hemelduif tak
als een duif in hoge luchten
eenmaal ons nabij gekomen
en sindsdien herkend, gezien-

Vogel, Goede Geest in ons,
vliegend waar wij adem halen,
zwevend waar ons hart wil zijn;

Vogel van het stille wonder,
die niet fluit en die niet zingt;
klein en kwetsbaar dier,
dat ons voorgaat in de wolken
die wij kennen noch begrijpen;
Vogel van de laatste Vrede-
om te troosten hier gezonden
door de Eeuwige
de Goede God,
onze Lieve Heer;

schenk vertrouwen,
doe ons hopen
in de schemer van de avond
na de schijndood van de nacht:
Dat wij schuilen onder vleugels,
dat wij willen, dat wij weten
zo getroost te zijn bij U.

Doe ons in het eerste daglicht
van Uw vogel houden:
in uw Geest ontwaken

Vogel van de laatste troost
voor ons lijden, ons verdriet
en ons dagelijkse sterven-

Wil uit ons het woord bevrijden
-ter genezing van elkaar-
van Gods hand en de belofte van
zijn Geest in elke tijd:
God de Vader, God de Moeder,
leer ons zegenen en troosten.

God de Geest en God de Trooster,
die niet heenging, die ons bleef:
U zij dank in alle eeuwen
Voor uw troost het allermeest

Fum van den Ham ( fragment)

 

1,5 m

Alles went?
Alles went, zeggen ze, en een beetje is dat natuurlijk wel zo. De meesten van ons zullen zich wel een beetje hebben ingesteld op de nieuwe werkelijkheid. Maar we zien uit naar het einde. Ook en misschien vooral jonge mensen. Onze zoon heeft al aangekondigd dat hij van de zomer toch echt weer gaat varen en zwemmen met zijn vrienden. En onze dochter wil dolgraag weer chillen en sporten. Maar ook de ouderen thuis en in het verpleeghuis: mijn schoonmoeder wordt deze maand zevenennegentig en zal haar zoon en zijn gezin alleen op afstand kunnen toezwaaien. Wij allemaal snakken naar een leven in vrijheid. Al is het heerlijk dat ons in dit land nog zoveel wordt toegestaan. We willen er met elkaar niet aan dat het misschien nog (veel?) langer gaat duren. Als geloofsgemeenschap zullen we nooit echt wennen aan het ‘nieuwe normaal’. Want ontmoeting is onder ons het sleutelwoord. We doen ons best per telefoon en online. Maar we weten allemaal: het is maar een noodoplossing. Elkaar wérkelijk nabij zijn, zoals God ieder van ons nabij is, is de kern van de kerk. En ik hoop intens dat we over niet al te lange tijd weer terug kunnen keren naar wat allemaal zo vanzelfsprekend leek.

Tot ziens!
En dan weer oog in oog met elkaar. Niet alleen via de huisvieringen waarvan ik er ook deze maand weer een paar mag verzorgen.
Van harte hoop ik eind deze maand het groene licht te krijgen van de bedrijfsarts om weer grotendeels of volledig te mogen werken. Er wordt al veel door mij gedaan, achter de schermen, maar daarna nog meer!
Ieder die het moeilijk heeft, om welke reden ook:
heel veel Kracht en Licht toegewenst.

Graag tot ziens, thuis,
onderweg of in de kerk.
Hartelijke groet, ds. Susan Karreman