Overdenking

Marcus in de Paastijd
De Honderd Dagen van Pasen zijn begonnen. Ik houd van De Honderd Dagen. Op de zondag vóór Aswoensdag, Quinquagesima (‘de Vijftigste’), klinkt het in de oude roosters: ‘Zie wij gaan op naar Jeruzalem’. Honderd Dagen verder is het Pinksteren. Dan is Jezus op een andere wijze onder en in ons. Ik besloot vorig jaar bij mijn dagelijkse meditatie een heel evangelie te lezen en te herkauwen. Bij mijn weten had ik dat nog nooit gedaan, maar las ik de losse fragmenten van de leesroosters. Ik koos het oudste en meest pure evangelieverhaal: Marcus (65-70 na Chr.), en liet het bezinken woord voor woord in de vroege morgen van alle Honderd Dagen.
Om ‘nieuw’ te lezen gebruikte ik de vertaling van Maria van der Zeyde (levensgezel van dichteres Ida Gerhardt), vertaler en literator. Haar vertaling schiep een intense ontmoeting met de mens Jezus áchter het verhaal van Marcus. Zelfs de legendarische elementen werden ‘historisch’, omdat ze wellicht de enige manier zijn om hem echt te leren kennen: Zijn totale liefde, zijn beschikbaarheid voor armen en randfiguren, zijn ontferming, zijn levensoffer…

Frans Hals Marcus

olie op doek (68 × 52 cm) privé collectie
Dit is een zeldzaam religieus werk dat Frans Hals (Antwerpen rond 1683 – Haarlem, augustus 1666) schilderde. Het maakte deel uit van een reeks van de vier evangelisten, waarvan nu de evangelist Johannes ontbreekt. De leeuw in de achtergrond is het symbool waarmee Marcus wordt weergegeven.

In Marcus’ verhaal hoorde ik de verteller. Ik verbeeldde me, dat ik in de kring zat en luisterde. Steeds meer kwam Jezus dichtbij, in mijn NU: zijn aanwezigheid en zijn liefde. Het verhaal herinneren schept heden en toekomst.
De kracht van deze vertaling (Markus, een tijding van vreugde) ligt in het eerbiedig benaderen van de tekst. Van der Zeyde vertaalt niet alleen volgens het woordenboek (concordant), maar buigt ook niet voor het vermeende begrip van
de lezer (equivalent), zoals de meeste huidige vertalingen doen. Het gepolariseerde geschil tussen die vertaalmethoden verhit de hoofden van theologen. Zij kiest voor het compromis of het gelijk van beide: “Ik wil ervan uitgaan, dat één vertaling mogelijk is, die menselijke taal spreekt en daarbij het geheim van het evangelie niet aanrandt, die niet burgerlijk is en niet kinderachtig en de nuances van de tekst beter opvangt en zorgvuldiger weergeeft dan bestaande vertalingen doen.”

Een enkel voorbeeld. De gelijkenis van de zaaier begint in de meeste vertalingen: ‘Een zaaier ging uit om te zaaien’. In het Grieks, waarin onderwerp en werkwoord kunnen zwerven door de zin, zegt Marcus: Hij ging uit (,) de zaaier. Moet de ‘Zaaier’ dan niet met een hoofdletter?
Het is nu duidelijk Jezus’ levensverhaal! Ik overweeg (ik schrijf in december) in 2020 Israëls paasverhaal te herkauwen.
Jan-009-1024x768
Jan de Jongh
Em. studentenpastor, liturgist
 

Jan de Jongh was vanaf 1971 tot 1997 bijna dertig jaar studentenpastor aan de Utwente .
Daarnaast publiceert hij regelmatig over liturgie en religieuze verbeelding.