Overdenking

Denk niet zwart-wit

Met mijn wortels in de evangelische beweging, viel ik al vroeg op een cruciaal punt uit de toon. Waar anderen dag en uur – en plaats! – van hun bekering konden melden, gaapte bij mij altijd een kloof van onwetendheid. O ja, ‘het’ moet ergens op de bijbelclub gebeurd zijn, onder het gehoor van één van de evangelistes die de Amsterdamse schoffies over Jezus vertelden. Zover ik mij echter kan herinneren was Jezus voor mij een icoon van God en kon ik niet anders dan deze God met kinderlijk geloof aanhangen.
Toen ik wat ouder werd vroeg ik mij wel eens bezorgd af of ik werkelijk wel een ‘kind van God’ was, want ongehoorzaamheid en ‘slechte’ gedachten bezoedelden ook mijn ziel. Als een bijbelverhaal dan werd afgesloten met de ernstige oproep om ‘de Here Jezus aan te nemen’, gaf ik Hem vol overtuiging mijn hart. En zo waren, met het toenemen der jaren, mijn ‘bekeringen’ niet meer te tellen. Nóg een reden om mij met de theoloog Stanley Hauerwas, recent op bezoek in Nederland, verwant te voelen die in een interview zei: “Ik gaf mijn leven 24 keer aan God maar er gebeurde niets”.   In mijn geval werd ik uit deze kramp verlost toen iemand mij duidelijk maakte dat onze zekerheid daarin rust dat God voor ons gekozen heeft.
In mijn omgeving bleek daar trouwens niet iedereen zo over te denken, want ik ontmoette ook lieden die mij bezwoeren dat je alleen ‘behouden’ was als je Jezus volgde in het watergraf. Wie aan die opdracht ongehoorzaam was, zo leerde iemand, die “mocht in de eeuwigheid alleen maar krabbelen aan de muren van het nieuwe Jeruzalem”.
Kortom, voor iemand van buitenkerkelijke komaf is het tobben geblazen als het erom gaat in het doolhof van kerken en overtuigingen jezelf een plekje te verwerven. Wat was ik jaloers op de apostel Paulus, die een stem uit de hemel hoorde!
Toen ik op 17-jarige leeftijd voor een radicaal pacifistische en socialistische partij koos, meende ik dat de Bergrede van Jezus om deze keuze vroeg. Maar anderen, die ook van Jezus hielden, lieten mij vallen als een baksteen. Dat iemand de dag van zijn bekering niet weet is al betreurenswaardig, maar als je dan ook nog eens ‘links’ uit de pas gaat lopen is het bewijs geleverd dat je niet bent ‘wedergeboren’.  Trouwens, ook binnen ‘links’ bleek ik, met een kritische visie op de mensenrechtenschendingen in socialistische heilsstaten, volgens die ware  ‘gelovigen’ toch een buitenstaander. Van Jezus houden en tegen de kernwapens opkomen werd zowel in PSP als IKV gewantrouwd.
Toch doe ik het er nog steeds maar mee: van Jezus houden en verder wat links en rechts uit de pas lopen. Ik ben vóór het leven, maar niet in alle gevallen tegen abortus of euthanasie. Soms meen ik een Stem in het gebeuren op te vangen, maar er gaan ook tijden voorbij dat ik het doen moet met het dagelijks manna van liturgie en Schrift.
Wie denkt dat het leven er makkelijker op wordt, moet dus maar bij Jezus uit de buurt blijven. Bekeerd zijn is niet altijd een pretje.

Rob van Essen