Kerkelijk werker

 

PaasChallenge en Bevrijding                                                         
 gedenkteken
Wat hebben Pasen en Bevrijding met elkaar te maken? Dat is een vraag waarmee de jongeren van de jeugdkerk, die in de Paasnacht aan de zo genoemde PaasChallenge hebben meegedaan, zich bezig hebben gehouden. De PaasChallenge was georganiseerd door Jop, Jong Protestant, onderdeel van de PKN. De PaasChallenge behelsde een tocht per fiets, door nachtelijk Rijswijk. Op diverse punten moesten de jongeren opdrachten uitvoeren die refereerden aan het lijden en de verrijzenis van Christus. Zo ‘lagen ze aan’ aan het Laatste Avondmaal. Ze moesten kiezen bij Pilatus: wie willen jullie vrijlaten: Jezus of Barnabas? Ze waren in ‘Getsemane’. Ze droegen gewicht over de ‘Via Dolorosa’. En ze kwamen aan op ‘Golgota’. Op Paasochtend vierden zij de Verrijzenis bij het lege graf toen de maan onder- en de zon opging.

Bevrijdingsdag, 5 mei, viel dit jaar op zondag. De jongeren, met hun indrukwekkende PaasChallenge vers in het geheugen, besloten tijdens deze dienst een bloemstuk te maken voor bij het Gedenkteken voor de oorlog, achter in de Nieuwe Kerk. Tegen het einde van de dienst plaatsten ze dit bloemstuk in het liturgisch centrum, op de Avondmaalstafel, en woonden het laatste deel van de dienst bij.

Pasen is bevrijding. Bevrijding van de dood. Jezus ging tot in de dood -om ons te bevrijden, van angst, van lijden. Daarom was het ook zo passend dat aan het eind van de dienst, na de zegen, alle aanwezigen onder leiding van de jongeren het bloemstuk van de Avondmaalstafel (de Tafel waar Jezus met zijn discipelen, dus met ons, voor het laatst at) naar het Gedenkteken achter in de kerk droegen. Dit Gedenkteken, afkomstig uit de Hofrustkerk, bestaat uit namen die, zoals de tekst daarbij zegt, “door hun geloof tot verzet gedrongen, uit ons midden het hoogste offer brachten”. En daaronder ook namen van hen die ‘gewoonweg’ door “het geweld van den bezetter uit het leven weggedrukt” zijn.  In totaal zeventien mensen tussen de 15 en 45 jaar jong! Als slottekst staat op het monument: “Houd in gedachtenis dat Jezus Christus uit den doden is opgewekt. 2 Tim. 2: 8”.
Op de foto ziet u het monument en de gelegde bloemen, naast het iets hogere bloemstuk, dat, zoals elk jaar weer, met grote trouw verzorgd werd door mw. Ank van der Put. Indrukwekkend was het Wilhelmus, de verzen 1 en 6, dat we samen zongen. Alsof we allen werkelijk voelden dat door het lijden heen Hij, en met Hem de mensen wier namen op het Gedenkteken staan, ook wij allemaal, uit het lijden en zelfs uit de dood zullen herrijzen. ‘Ons schild ende betrouwen zijt Gij, o God, mijn Heer. Op U zo wil ik bouwen, verlaat ons nimmermeer’.

We gedenken Anthonie -Anthon-  Engelaan 
Anthon overleed op 9 mei. ster
Daags ervoor was hij thuisgekomen van zijn ziekenhuisopname.
Dankbaar was hij, dat die stap nog mocht worden gezet: dat hij naar huis mocht om daar te overlijden in zijn eigen, vertrouwde omgeving, te midden van zijn familie, die heel veel voor hem betekende en voor wie hij ook zo veel betekend heeft. ‘Ik en mijn huis, wij zullen de Heer dienen’,  zo luidde de trouwtekst bij zijn huwelijk met Uty, in 1954. Zij ontviel hem vijf jaar geleden. Maar samen hebben ze altijd naar die tekst geleefd, thuis, op het werk,  en in kerk en samenleving. Het viel hem zwaar, de laatste tijd, het besef dat hij moest gaan loslaten. Zo graag wilde hij in verbondenheid met zijn geliefde kinderen, klein- en achterkleinkinderen, nog voortgaan op zijn levensweg. Maar toen hij zag dat aan het voortgaan nu een einde zou gaan komen, viel het loslaten hem minder zwaar. Dat kwam omdat hij als het ware steeds meer toekomst kon zien, toekomst over de grens van het leven heen. In hem wist hij een lichtend vuur ontstoken dat nooit doven zou. Die toekomst omarmde hij. Ook daarvoor was hij dankbaar. Voor wat hij heeft ontvangen in zijn leven èn voor wat hij heeft mogen geven, was hij dankbaar. Dat voerde de boventoon bij zijn uitvaart, op 15 mei, in de Dankdienst voor zijn leven in de Oude Kerk. Want dat was de plek waar het voor hem allemaal begonnen was met zijn doop. In 1929 was dat. In zijn doop lag voor hem de basis van dat lichtend vuur dat nooit meer dooft. Tijdens de dienst weerklonk een echo van die doop in de stilte van de Oude Kerk: de krachtige klank van water, aan dezelfde oude en prachtige doopvont waaraan 89 jaar geleden het water op zijn hoofd gesprenkeld was. En zo werd het werkelijkheid: in dit prachtige, door Anthon zo geliefde  huis van hout en steen (Lied 280), ging de hemel voor hem open. God liet zich vinden. Het steentje voor Anthon weegt mee in de schaal in de Nieuwe Kerk. Zijn nagedachtenis mag zijn familie, zijn vrienden en zijn geloofsgenoten tot zegen zijn!

Maria Opgelder