Kerkelijk werker

Een jaar voorbij 
Als dit kerkblad verschijnt, op 1 februari 2019, is het op vijftien dagen na een jaar geleden dat mijn werk als kerkelijk werker in onze gemeente begon, na een sollicitatieprocedure die getuigde van een onvoorstelbare dosis betrokkenheid, zorgvuldigheid en nauwkeurigheid van de Adviescommissie, onder leiding van Marjo.
OLYMPUS DIGITAL CAMERA

 

Op 18 februari vond mijn bevestiging plaats in de Nieuwe Kerk door Susan, een week daarna gevolgd in de Oude Kerk door Michiel.  Sindsdien is er veel gebeurd en ik heb veel mensen mogen leren kennen in onze gemeente. Mooie individuele pastorale contacten zijn gelegd en opgebouwd, kerkdiensten geleid, en enkele uitvaarten geleid of bijgewoond. Stukjes voor ons kerkblad zijn geschreven, gespreksbijeenkomsten in de wijk ingevuld en uitgevoerd. Er is een mooie en krachtige samenwerking tot stand gekomen tussen onze predikanten Susan en Michiel en mij. En met Therese, die fantastisch werk doet als diaconaal werker, met onze begaafde (cantor-)organisten Henny en Philip en Jan-Pieter, met onze zeer gewaardeerde en bewonderde zangers, met onvermoeibare ouderlingen en diakenen, met lectoren, het Zustercomité van de Oude Kerk, leidsters van de kindernevendienst, en vele anderen, zoals Trudy, Jan, Jan, en Johan, Dolf, Chris, Tom, Marty, Henk, Karin, het beamteam van de Nieuwe Kerk en Huibert die de liturgieboekjes altijd voor de Oude Kerk verzorgt,  en zoveel, zoveel  anderen. De Kerstviering 2018 voor de ouderen in de Oude Kerk en onze praeses die alles op alles zette om aldaar de Lofzang van Maria te kunnen laten weerklinken en  Nelet die voor die viering, ook in de Nieuwe Kerk, het prachtige boekje maakte. Florence die zoveel mooi  pastoraal werk verricht in Steenvoorde.  De Taakgroep Pastoraat met Marjo en Gerarda. Bijeenkomsten in het Vadercentrum van Den Haag, waar Leendert zo bij betrokken is (geweest). De opening van de Weggeefwinkel. Kerkenraadsvergaderingen. Telefoontjes met zoveel mensen. De kaarsenmaker uit de Rooms-Katholieke parochie, Wim,  die samen met Marijke, zijn vrouw, bijzondere en unieke kaarsen vervaardigt, waarvan ik een paar keer prachtig gebruik heb kunnen maken bij uitvaarten. En o ja, ik ben ook nog afgestudeerd. In augustus 2018 was dat, ik zou het bijna vergeten, het lijkt meer ‘als in een vorig leven’,  hoewel ik nooit kwijt zal raken wat mijn afstudeertraject aan energie en doorzettingsvermogen gekost heeft, want misselijk was het niet. Gedurende het nu bijna voorbije jaar verliep ook alles in een mooi contact en goed overleg met Hugo, die als Kerkrentmeester voor mij de personificatie van de goede werkgever is. Door het College van Kerkrentmeesters werd me een eigen budget toegekend waarvan ik noodzakelijke, bijzondere uitgaven kan bekostigen, waar ik heel blij mee ben.
Dankbaar voel ik mij, samen met Marten Jan, dat wij in onze gemeente zijn thuisgekomen. Want zo voelen we dat. Op de plek van bestemming. Alsof van alles wat in ons leven van de laatste tien, vijftien jaar gespeeld heeft, steeds duwtjes zijn geweest die ons richting Rijswijk hebben doen bewegen. Dat is bijzonder. Vooral als je niet gelooft dat de Eeuwige als een ruiter te paard alle touwtjes in handen heeft. Maar ‘leiding’ bestaat wel degelijk, en zo zijn wij naar Rijswijk geleid. Wij voelen ons gekend. Door Hem, en door de gemeente. Zo is het. En niet anders.
kaars hande.v1
Dankbaar voel ik mij voor de zo warme en hartelijke ontvangst die u allen mij hebt doen voelen. Dankbaar voel ik mij dat ik in voorspoed en in tegenspoed, in vreugde en verdriet, met u samen mag zijn. Dankbaar voel ik mij, dat na dit eerste, fantastische, hectische jaar, er een definitieve verbintenis met u allen, als Gemeente van Christus, tot stand is gekomen. U kunt op mijn volledige inzet rekenen. Daartoe steunt mij ook dagelijks, blijvend,  het lied dat bij mijn bevestiging gezongen is: “je hebt in liefde trouw beloofd / een zwak, een kwetsbaar woord / is hier door ons gehoord / ontvang de vlam die nimmer dooft / vuur uit Gods hart ontsproten / Hij houdt ons ‘ja!’ omsloten.” (Lied 794).

Met een hartelijke groet, mede namens Marten Jan,
Maria Opgelder