Diaconaal werker

Wat een prachtig zonnig voorjaar hebben we, met mooi warm weer voor de tijd van het jaar! Onze zonnepanelen zuigen het licht bijna op. De planten in de parken en tuinen kleurden al heel vroeg hun bloemenpracht en wat ruiken de bloemen lekker. Veel bijen kunnen hun geluk niet op. Zelf, zo merk ik op, heb ik veel meer oog voor.. . de bloemen in onze tuin, die ik bijna open kijk. De blauweregen laat een gordijn van prachtige bloemen hangen.

blauweEn dat alles in de tijd van corona. De natuur trekt zich niets aan van de angsten en verwarringen rondom corona. Niets is stilgezet in de natuur, alles gaat door, zoals dat altijd lijkt te gaan.
Eigenlijk is de natuur onze enige uitvlucht in deze tijden van afstand houden en in isolement zijn.
Mits je dat fysiek lukt althans. Moeder aarde zet haar beste beentje voor om ons in de natuur rust te laten vinden en er ook hoop uit te putten. Door zichtbaar te maken dat seizoenen wisselen en dat het ook na de winter weer lente en straks zomer wordt. Alles zonder dat de mens zich daarmee hoeft in te laten.
In de diaconale vieringen hebben we steeds aandacht gevraagd voor het thema duurzaamheid. Zorg en aandacht voor de Schepping. In de viering die gepland stond voor 10 mei zouden we daarvoor opnieuw aandacht willen vragen en daarnaast hadden wij heel graag elkaar weer ontmoet. Helaas geen ontmoeting en geen diaconale viering ….Eigenlijk ontdek ik dat de boodschap van moeder aarde, zoals boven gegeven, een prachtige boodschap is.
Als we niet meer op vakantie kunnen, naar de film of het concert, dan blijft de natuur over om ons over te verwonderen, ons rust te bieden en ontspanning. Die wetenschap vraagt om nieuwe doordenking: hoe gaan we met elkaar zorgdragen voor een balans op deze aarde? Wat laten we na voor onze medemens nu en straks.
Hoe belangrijk is het om voor onze aarde te zorgen, ook voor gebieden waar nu geen natuur meer is om terug te trekken? In het programma Oases, zag ik hoe in Marokko de woestijn oprukt. Het nomadenbestaan is niet meer mogelijk, omdat er geen oases zijn, met water voor mens en dier.
Daar ligt normaal misschien niet zo onze directe aandacht omdat het veelal een ver-van-ons-bedshow is. Tegelijk is denk ik, deze coronatijd, ook een vorm van woestijntijd. We zijn noodgedwongen stilgezet. En in de tijd van vragen en onzekerheid en afzondering, kunnen we zomaar ons afvragen welke weg we moeten ingaan om onze planeet gezond en leefbaar te houden.

droogte
Het ‘nieuwe nu’ vraagt om heroverwegingen. Wat is nu belangrijk voor mij, voor ons en voor onze wereld. Want elk mens heeft recht op oases, plekken van op adem komen. We zijn met zoveel mensen, en de aarde is er voor iedereen.
In deze woestijntijd wordt er minder gereisd, met als opbrengst een schonere lucht. En ook komen we door de oude levensstijl van onbeperkt alles eten en overal heen reizen, tot de ontdekking dat een virus zich razendsnel kan verspreiden, terwijl we eigenlijk allemaal denken: dat overkomt ons niet. Ver-van-mijn-bedshow.
Bijzonder te ontdekken is dat in deze tijd van noodgedwongen stilstand, mensen enerzijds heel creatief worden en dat naast de angst en onzekerheid over de toekomst mensen ook ontdekken wat nu voor henzelf echt belangrijk is.
Je gezondheid, en die van je dierbaren en daar wil je best je vakantie en je uitjes voor opgeven. We ontdekken hoe belangrijk het is om in goed contact te staan met je dierbaren. Er wordt wat afgebeld en videogebeld. Ouderen die daarvoor nieuwe technieken ontdekken.
In deze woestijntijd word je zo bij de kern van je bestaan bepaald. Er is natuurlijk veel tijd om na te denken, dat zal voor velen een verademing zijn, om even los te zijn van het drukke bestaan. Anderen met kinderen thuislerend en werkers in de zorg, zijn overbelast zo schat ik in en voor een aantal van u zal het extra stil zijn nu allerlei activiteiten zijn afgelast en ook de wekelijkse kerkgang er niet meer inzit.
Wie had dat ooit allemaal kunnen bedenken. Ik niet althans, als kind van na de oorlog. Altijd alles voorhanden gehad wat nodig was, daarnaast volle vrijheid van beweging en meningsuiting. Altijd naar school gekund en ook onze kinderen zijn altijd naar school geweest. Vakanties gevierd en daarnaast altijd heerlijk kunnen werken met mijn passie. Dat is: mensen ontmoeten en daarbij elkaar de hand schudden, nabij zijn in een ziekteproces en rondom een uitvaart en rouw. Nu voor mij: in principe geen bezoek, geen activiteiten, juist in een tijd waarin elkaar bemoedigen zo belangrijk is.

Zit ik daar met mijn telefoon en laptop… zó niet passend voor mij.
Het raakt me diep, veel teruggeworpen te zijn op mijn studeerkamer en de tuin. Elk bloempje zie ik uitkomen.. anders heb ik daar natuurlijk veel minder oog voor.
Tegelijk ik hoef niet te denken welke avonden eet ik niet thuis? Ik hoef geen vergaderingen voor te bereiden, niet naar het AZC voor bezoek of activiteiten te doen. Geen lunches en koffieochtenden. Niet even binnenlopen bij de weggeefwinkel. Ik mis het allemaal en ik mis u.
Hoe belangrijk mijn werk voor mij is, wordt weer extra onderstreept. Hoe blij ben je dan met een uitje als de vesper van 22 april. Wat hadden wij het goed, Henny, Klaas, Jan, Ine en ik. Heerlijk heb ik gezongen met Klaas. Wat jammer dat dan de techniek ons hindert en de opname van de vesper niet is gelukt. Terwijl het uitzenden via kerkteleviesie een prachtig middel is om zo met elkaar in verbinding te staan, want ik weet dat velen van u de wekelijkse zondagse eredienst en ontmoeting erg missen. Juist in deze tijd hebben we elkaar hard nodig. Om elkaar tot een oase te kunnen zijn…

Misschien kunnen we elkaar tot een oase zijn, door elkaar regelmatig te bellen. En wordt u niet gebeld, dan kunt u zelf ook vijf mensen bellen. En elkaar in een telefonisch gesprek vertellen wat ons kracht geeft. Door elkaar te vertellen wat we aan de ander waarderen. Wat onze zegeningen zijn.. misschien ook met elkaar of voor elkaar te bidden. Als we zo voor elkaar oprechte aandacht hebben, kunnen we even opstaan uit onze zorgen en angsten en zal zelfs de steppe kunnen bloeien…

De steppe zal bloeien.
De steppe zal lachen en juichen.
De rotsen die staan
vanaf de dagen der schepping,
staan vol water, maar dicht,
de rotsen gaan open.
Het water zal stromen,
het water zal tintelen, stralen,
dorstigen komen en drinken,
de steppe zal drinken.
De steppe zal bloeien.
De steppe zal lachen en juichen.

De ballingen keren.
Zij keren met blinkende schoven.
Die gingen in rouw
tot aan de einden der aarde,
één voor één, en voorgoed,
die keren in stoeten.
Als beken vol water,
als beken vol toesnellend water,
schietend omlaag van de bergen,
als lachen en juichen.
Die zaaiden in tranen,
die keren met lachen en juichen.

De dode zal leven.
De dode zal horen: nu leven.
Ten einde gegaan
en onder stenen bedolven:
dode, dode, sta op,
het licht van de morgen.
Een hand zal ons wenken,
een stem zal ons roepen: Ik open
hemel en aarde en afgrond
en wij zullen horen
en wij zullen opstaan
en lachen en juichen en leven.

Huub Oosterhuis

oase
Ik wens en bid u vertrouwen toe, tevens ook moed om u staande te houden.

Ga met God en Hij zal met je zijn,
tot wij weer elkaar ontmoeten,
in zijn naam elkaar begroeten.
Ga met God en Hij zal met je zijn. (lied 416, couplet 3)

Vrede en alle goeds.
Diaconaal werker
Therese van Kampen